De Kaapkolonie

19 september 2012 - Cape Town, Zuid-Afrika

Ik ben in Kaapstad, en na een goede nachtrust is het grote avontuur vandaag begonnen. Om te beginnen had ik vanochtend een ontmoeting in de Oude Lutherse Kerk (één van de oudste gebouwen van de stad) met mensen die hier in de erfgoedsector werken, die erg leuk was maar waarvan ik de details maar even achterwege laat. Eén van hen was daarna echter bereid me even per auto op sleeptouw te nemen en me enkele dingen te laten zien die ik anders nooit had gevonden.

Voor we daaraan toekomen is het echter misschien goed om even een heel klein stukje geschiedenis van deze stad te vertellen. Hoe is Kaapstad ontstaan? Waaruit bestaat de connectie tussen deze stad en Nederland?

Het begin van de Kaapkolonie heeft alles te maken met de route die de VOC-schepen namen in de eerste helft van de 17e eeuw - rond de Kaap, en daarna bij voorkeur zonder te stoppen naar Batavia. Dat ' zonder te stoppen' was echter een probleem. De meeste schepen hielden ergens halt om vers water en voedsel in te slaan - hoewel het prima mogelijk was om voor de hele reis genoeg voedsel mee te nemen, had je dan wel de garantie dat er scheurbuik uitbrak onder de bemanning. Vaak werd er dan ook ergens gestopt en met de lokale bevolking gehandeld.

De Kaap was weliswaar 'Kaap de Goede Hoop' genoemd door haar Portugese ontdekkers, maar had niettemin al gauw een slechte naam gekregen. Het weer was er verraderlijk, en de Portugezen die er in de 16e eeuw landden kwamen steeds in botsing met de lokale bevolking - soms met dodelijke afloop. De meeste schepen meden de Kaap dan ook. Nadat er in 1647 echter een Nederlands schip op de terugreis aan de Kaap was vergaan en de lokale bevolking de Nederlanders vervolgens had gered, begonnen de Bewindhebbers kansen te zien aan de Kaap. Ze besloten in de baai onder de Tafelberg een fort te bouwen en de baai voortaan als hun vaste stopplaats op weg naar Indië te gebruiken. In 1652 voer een VOC-vloot de baai in en gingen onder leiding van Jan van Riebeeck de werkzaamheden van start. Naast de bouw van een fort brachten de nieuwe kolonisten ook meteen een gebied in cultuur voor landbouw - zo konden ze voortaan de schepen van verse groente en fruit voorzien. Het eerste fort van houten palen en modder dat onder Jan van Riebeeck werd gebouwd werd, toen er weer eens oorlog dreigde met de Engelsen, vanaf 1666 vervangen door een stenen vijfpuntig fort. Het fort is goed te zien op deze kaart van Kaapstad die ruim een eeuw later werd gemaakt; ook de moestuinen die de Compagnie aanlegde, de 'groene streep' rechtsboven het fort, zijn nog goed te herkennen, hoewel de Compagniestuinen in die tijd al waren omgeturnd tot een aangenaam park en de landbouw zich verderop buiten de Kolonie had verplaatst.

Toen ik echter met mijn gids, een archeoloog, Signal Hill (L op de kaart, de 'Leeuwe Bil') opreed om een uitzicht over de stad te krijgen, was het fort nauwelijks te vinden tussen de bebouwing. Niet alleen is het tegenwoordig omringd door hoge gebouwen; ook ligt het allang niet meer aan het water, omdat er enorme landfills omheen zijn gemaakt die nu vol regeringsgebouwen en hoge flats staan. Eenmaal weer beneden bleek het er echter wel degelijk te liggen. Het grootste deel van mijn middag ging op aan het bezoeken ervan - een ontzettend leuke rondleiding voerde langs alles wat zich vroeger in het fort had bevonden: het gouverneurshuis, de werkplaatsen, de kruitkamers, de gevangeniscellen.

 
Een van de bastions van het fort.In het fort
 
De vroegere Compagniestuinen liggen op makkelijke loopafstand van het fort, en dat was mijn volgende bestemming. Ook de Engelsen, die de Kaap definitief van de Nederlanders overnamen in 1806, hadden deze behouden als een soort park, en dat is het tot op de huidige dag - met nu in het midden een groot beeld van de zeer controversiele figuur Cecil Rhodes die een tijdlang de scepter zwaaide in Brits Zuidelijk Afrika.
 
Vroeger Compagniestuinen, nu een park
 
Zoals wel meer Nederlandse koloniale steden werd de Kaapkolonie uiteindelijk een bonte verzameling mensen van overal - de VOC bracht er slaven heen uit zowel Azië als andere delen van Afrika. De landbouw werd steeds verder uitbesteed aan vrijburgers die zich aan de Kaap vestigden en hun waren aan de VOC verkochten - niet alleen Nederlanders maar ook veel Duitsers en mensen van andere nationaliteiten. Er was de lokale bevolking, er waren Chinezen, Javanen, Indiërs, Joden, Lutheranen, Hugenoten, later kwamen er natuurlijk Britten die het enorme gesleep met mensen onverdroten voortzetten.... Deze erfenis is nog duidelijk voelbaar in Kaapstad, in het straatbeeld maar ook onder de grond. De archeoloog die had aangeboden me te gidsen bracht me eerst naar een plek waar graven uit de Compagniestijd waren gevonden - de vondsten bij de graven liepen uiteen van kralen tot slavenpenningen tot aardewerk van de lokale bevolking. Sommige graven waren duidelijk islamitisch. Hierna reden we de heuvel op naar een stuk land dat als begraafplaats was toegewezen aan de Moslims en aan de Chinezen. Om enkele grote graven van vooraanstaande imams lagen de vele stenen, veelal ongemerkt, soms met een Arabisch opschrift, van de moslimgemeenschap die ook in de VOC-tijd al aan de Kaap aanwezig was.
 
Islamitische begraafplaatsStenen op de Islamitische begraafplaats
 
Dat ook in later tijden deze veelheid van etnische groepen in Zuid-Afrika in de loop van de geschiedenis veel vuurwerk heeft gegeven, is iedereen bekend. Daar zal ik in een later stukje op in gaan.
 
"Afrika - olifanten en giraffen!" zei mijn dochtertje steeds voor ik daarheen ging. Of ik nog tijd ga maken om die ook te zien, dat merken we wel. Voor nu zit ik in een stad die in veel opzichten ontzettend Europees aandoet, en waar de erfenis van vier eeuwen Europese bemoeienis overal zichtbaar en voelbaar is. En in die stad ga ik morgen eerst eens een vracht musea bezoeken.

 

Van reisblog naar fotoboek
Laat een prachtig fotoboek afdrukken van je verhalen & foto's. Al vanaf € 21,95.
reisdrukker.nl

Foto’s

1 Reactie

  1. Nils Visser:
    20 september 2012
    Mooi omschreven, knappe balans tussen geschiedenisles en eigen ervaringen.